Verschillende lasprocessen

Vandaag meer informatie over verschillende lasprocessen!

MIG/MAG – lassen

MIG/MAG lassen is ook een vorm van gasbooglassen:

  • Gas: wordt gebruikt om het werkstuk tegen de buitenlucht te beschermen
  • Boog: er wordt met elektriciteit een vlamboog gemaakt tussen het werkstuk en de afsmeltende draad.

MIG: Metal Inert Gas

  • Lassen met inactieve gassen (Argon / Helium)

MAG: Metal Active Gas

  • Lassen met actieve gassen (Menggas)

(ook wel CO2-lassen genoemd)

MIG/MAG lassen is een vorm van smeltlassen, waarbij 3 zaken nodig zijn:

  1. Warmte (voor het smelten van de delen die aan elkaar gelast moeten worden)
  2. Bescherming (tegen de buitenlucht)
  3. Toevoegmateriaal (voor in de lasnaad)

 

Pulse MIG/MAG – lassen

PULSE

Bij pulserend lassen heeft de stroombron twee verschillende niveaus van stroomsterkte. Er is een constante basisstroom, die de lasboog in stand houdt, met daaroverheen een (pulserende) pulsstroom, die zorgt voor het loslaten van de druppels toevoegmateriaal.

 

DUBBEL PULSE

Deze functie zorgt voor een pulserende toevoer van de lasdraad bovenop de pulserende lasstroom. Hierdoor blijft bij een optimale inbranding, de warmte-inbreng tot een minimum beperkt en is het smeltbad volledig beheersbaar.

De voordelen van het Pulse lassen zijn:

  • Een geringe warmte inbreng
  • Minimale spatvorming
  • Beter in positie lassen
  • Gemakkelijk te bewerken lasnaad
  • Mooiere lasnaad (TIG uiterlijk)

Vooral bij het lassen van aluminium en dun materiaal is het pulserend lassen noodzakelijk.

TIG: Tungsten Inert Gas

Het TIG-lasproces wordt gebruikt waar hoge kwaliteitseisen worden gesteld of voor zichtwerk:

  • scheepsbouw
  • installatietechniek
  • restauratie auto’s/old-timers
  • onderhoud/constructie werk
  • voedingsmiddelenindustrie

Tig-toorts

Het TIG-lasproces wordt gekenmerkt door 8 bijzondere eigenschappen:

  1. Smalle, felle lasboog: klein diep smeltbad
  2. Warmte apart van toevoegmateriaal
  3. Volledig beschermd smeltbad (argon of helium)
  4. Geen hulpstoffen (poeder/pasta): geen slakken of aantasting
  5. Geen spatten of vonken, dus geen nabewerking
  6. Het TIG-lasproces is een veredelde vorm van autogeen-lassen
  7. Het proces is beter beheersbaar, zeker voor dun materiaal
  8. Geen dure gassen, zoals acetyleen
Dit bericht is gepost in Nieuws. Bookmark de link.